Tarjei Vesaas | De kiem


De kiem (uit 1940) speelt zich af op een klein groen eiland. In de openingsscène bevinden we ons in de varkensstal op de boerderij van Karl Li. Terwijl een zeug haar jongen baart, komt een vreemdeling op het eiland aan, Andreas Vest. Niemand weet wie hij is en de eilandbewoners staan sceptisch tegenover hem. Als Inga, Li’s dochter, dood wordt aangetroffen, twijfelt niemand eraan dat Andreas de moordenaar is.

Op hetzelfde moment dat de zeug die net biggen heeft gebaard gek wordt en haar eigen jongen begint op te eten, starten de eilandbewoners een meedogenloze jacht op Andreas. Te laat worden de wrekers zich bewust van hun eigen agressie en schuld, en ze proberen hun misdaad te rechtvaardigen.

Vóór De kiem stond Tarjei Vesaas bekend om het schrijven van realistische romans en korte verhalen. Maar met dit boek kwam er een verandering van stijl in zijn auteurschap, waarbij hij de stap naar allegorie zette, meer onderscheidend werd en zijn stem vond in wat men symbolisch modernisme zou kunnen noemen. De kiem onderscheidt zich als een van de echt grote Vesaas-romans.

Tarjei Vesaas (1897-1970) wordt beschouwd als een van de grootste Noorse dichters en romanschrijvers van de twintigste eeuw. Hij debuteerde in 1923 en publiceerde in totaal een dertigtal titels. Hij werd regelmatig genoemd als kanshebber voor de Nobelprijs voor Literatuur, en won de prestigieuze Nordic Council Literature Prize.